Senior voeding → Deel 2 → Deel 3 → Deel 4: 3 Senior katten, 3 verschillende bekers
3 Senior katten, 3 verschillende bekers
Senior Kat A: Luna, 11 jaar, 7.2kg (ideaal: 5.0kg)
Luna’s grootste belastingsfactor is overgewicht. Ze is 2.2kg te zwaar, wat betekent dat ze 44% meer weegt dan gezond voor haar is.
Haar gewrichten dragen constant extra gewicht, haar organen werken harder, haar hele stofwisseling draait op een hogere belasting.
Ze eet “premium” natvoer, biologisch, graanvrij, zonder additieven. Op papier “perfect voer.” Maar het maakt niet uit hoe goed het voer is als ze er te veel van krijgt.
Luna’s beker wordt gevuld door:
- Overgewicht (grootste factor – 35% van beker)
- Binnenkat, weinig beweging (20%)
- Te grote porties (15%)
- Leeftijd (verminderde draagkracht – 10%)
- Rest (20%)
Totaal: 85% vol.
Weinig marge.
Wat Luna nodig heeft: Niet “senior food.” Ze heeft gewichtsreductie nodig. Kleinere porties, meer beweging, speeltijd die jachtgedrag simuleert.
Het voer dat ze nu krijgt is prima. Ze hoeft niet te switchen naar een ander merk.
Ze moet gewoon minder ervan krijgen, gecombineerd met meer activiteit. Als haar gewicht daalt naar 5.5kg, daalt haar beker naar 65%. Dan heeft ze marge. Dan kan haar lichaam floreren.
Senior Kat B: Max, 13 jaar, beginnend nierfalen (creatinine 2.1, nog niet crisis maar wel verhoogd)
Max’s grootste belastingsfactor is beginnende nierproblematiek. Zijn nieren filteren niet meer zo efficiënt als voorheen, wat betekent dat ze extra gevoelig zijn voor uitdroging.
Hij eet droogvoer. Niet omdat het het beste voor hem is, maar omdat zijn eigenaar niet wist dat dit relevant was. Zijn urine is donkergeel, geconcentreerd, zijn nieren draaien op reservecapaciteit.
Max’s beker wordt gevuld door:
- Chronisch vochttekort (grootste factor – 40% van beker)
- Beginnende niergevoeligheid (25%)
- Leeftijd (15%)
- Droogvoer additieven (10%)
- Rest (10%)
Totaal: 90% vol. Bijna geen marge.
Wat Max nodig heeft: Niet specifiek “senior food voor nieren.” Hij heeft vocht nodig. Hij moet van droogvoer naar natvoer, hij heeft mogelijk extra waterfonteinen nodig, misschien zelfs bouillon bij zijn voer voor extra vocht.
Het merk is minder belangrijk dan het vochtpercentage. Elke natvoer met 70%+ vocht is beter dan het beste “special senior” droogvoer.
Als zijn vochtinname verdubbelt, daalt zijn beker naar 60%. Dan krijgen zijn nieren de ruimte die ze nodig hebben.
Senior Kat C: Simba, 10 jaar, chronische stress (nieuwe kat in huis, weinig verticale ruimte)
Simba’s grootste belastingsfactor is stress. Er is een nieuwe kat gekomen, een jonge energieke kater die constant Simba’s ruimte binnendringt. Simba heeft geen plek om zich terug te trekken, geen verticale ruimte om weg te komen.
Hij eet goed, zijn gewicht is prima, hij krijgt kwaliteitsvoer. Maar hij is voortdurend gespannen. Zijn cortisol-level is chronisch verhoogd, zijn immuunsysteem draait op hogere belasting.
Simba’s beker wordt gevuld door:
- Chronische stress (grootste factor – 45% van beker)
- Geen verticale ruimte/vluchtmogelijkheden (20%)
- Leeftijd (15%)
- Rest (20%)
Totaal: 85% vol.
Weinig marge.
Wat Simba nodig heeft: Niet ander voer. Hij heeft omgevingsverrijking nodig. Hoge krabpalen, planken aan de muur, afgezonderde plekken waar de andere kat niet kan komen, misschien zelfs gescheiden voer-tijden.
Als zijn omgeving wordt aangepast, daalt zijn beker naar 55%. Dan heeft hij ruimte om te ontspannen, om niet constant op zijn hoede te zijn.
Zie je het patroon?
Drie senior katten. Drie totaal verschillende bekers. Drie totaal verschillende prioriteiten.
Luna heeft geen senior food nodig maar ze heeft gewichtsverlies nodig.
Max heeft geen senior food nodig maar hij heeft vocht nodig.
Simba heeft geen senior food nodig maar hij heeft een betere omgeving nodig.
En als je alle drie dezelfde vraag stelt: “Welk senior food moet ik geven?” en ze allemaal hetzelfde merk geeft, dan help je misschien Max een beetje (als het natvoer is), maar Luna en Simba helemaal niet.
Want hun probleem is niet het voer.
Hun probleem is de beker.
En dat is precies waarom ik je geen merk kan noemen.
Niet omdat er geen goede merken zijn.
Maar omdat het antwoord op “welk voer?” altijd afhankelijk is van “wat vult jouw kat’s beker?”
Dus voordat ik je laat weten wat je moet doen, wil ik je eerst behoeden voor een aantal valkuilen.